De uitdaging: warmte kwijtraken, niet vasthouden.
In de zomer draait het kledingprobleem om. Waar je in de winter warmte wilt vasthouden, wil je die in de zomer juist zo snel mogelijk kwijtraken. Je lichaam koelt af door zweet te verdampen, en je kleding moet dat proces helpen, niet tegenwerken.
Goede zomerkleding is licht, ademend en voert vocht af. Een luchtig fietsshirt met een mesh-achterkant laat rijwind door en verdampt zweet. Vast, dicht materiaal doet het tegenovergestelde: het houdt warmte en vocht tegen je huid.
Wat je aantrekt bij 18 – 32°C.
Wat je aanpast per temperatuur.
| Temperatuur | Aanpassing t.o.v. basiskit |
|---|---|
| 18 – 22°C | Kort-kort. Gilet en dunne armstukken mee voor een frisse ochtendstart of afdaling. |
| 22 – 27°C | Luchtig shirt en bib short. Zonnebescherming standaard. Extra bidon water mee. |
| 27 – 30°C | Lichtst mogelijke kleding, lichte kleuren. Rijd in de ochtend of avond. Drink ruim. |
| Boven 30°C | Vermijd de heetste uren. Overweeg een kortere route, koelvest of pauzes in de schaduw. Extra elektrolyten. |
Waarom je ook in juli een gilet meeneemt.
De klassieke zomerfout: bij stralend weer zonder gilet vertrekken. Het gaat mis op de afdaling. Op een lange afdaling rij je hard zonder inspanning te leveren: je motor staat uit, maar de rijwind blaast keihard langs je bezwete lijf. Vijf tot zes graden gevoelstemperatuur verlies is zo gebeurd.
Gebruik de tool op de homepage voor een advies op maat: het houdt rekening met je snelheid, de windrichting en het hoogteverloop van je route: juist die factoren maken het verschil tussen comfortabel en koud aankomen.