Kledingstuk · Romp

Gilet wielrennen: altijd mee, nooit spijt.

Het gilet is het lichtste en nuttigste kledingstuk in je kit. Het past in één achterzak, weegt bijna niets en redt je bij elke onverwachte windstoot of afdaling.

12 – 20°C Ideale zone Gilet

Als je twijfelt: gilet mee.

Het gilet is het enige kledingstuk waarbij de gouden regel altijd geldt: als je twijfelt of je het nodig hebt, neem je het mee. Het weegt 80–120 gram, past in een middenzak en kost je niets als je het niet gebruikt. Maar als je het thuis laat en het toch nodig blijkt, is dat een onaangename rit.

Een gilet beschermt je romp aan de voorkant tegen wind en lichte regen. Anders dan een jack heeft het geen mouwen, dat maakt het idealer voor wisselvallig weer: je kunt het aantrekken zonder warmer te worden op de armen.

Combineer het met armstukken: gilet + armstukken = bijna dezelfde bescherming als een fietsjack, maar beide kledingstukken zijn apart uittrekbaar zodra je opwarmt. Dit is de standaardcombinatie voor herfst- en lenteritten.

Drie typen gilets: wat past wanneer?

Niet elk gilet is hetzelfde. Er zijn drie hoofdtypen, elk voor een ander type omstandigheid.

Windproof gilet
Licht, compact, windbestendig. Geen waterproof coating. Voor droge maar winderige ritten.
14 – 22°C
Regengiet
Waterproof coating, iets zwaarder. Houdt droog bij regen, minder ademend. Voor natte omstandigheden.
8 – 16°C
Thermisch gilet
Extra isolerende laag aan de binnenkant. Voor koude omstandigheden als aanvulling op een fietsshirt.
0 – 10°C

Voor de meeste wielrenners is een lichtgewicht windproof gilet het meest veelzijdig. Neem een regengilet mee als tweede optie of kies voor een model met DWR-coating die beperkte regen ook aan kan.

Het verschil in één overzicht.

Gilet
Mouwloos: beschermt alleen romp
Compact, past in één achterzak
Ideaal bij 12–20°C
Combineerbaar met armstukken
Snel aan- en uittrekken
Fietsjack / windstopper
Mouwen: volledige bescherming
Warmer, meer isolatie
Ideaal bij <12°C of bij veel regen
Minder compact op te vouwen

Hoe gebruik je een gilet slim?

1
Trek het aan bij de start, niet onderweg
Een gilet aantrekken tijdens het rijden is lastig en gevaarlijk. Trek het thuis aan als de start fris is. Je kunt het altijd uittrekken zodra je opwarmt.
2
Bij afdalingen: gilet aan
Op een afdaling stop je met trappen en verlies je snel warmte. Trek het gilet aan voor je begint te dalen, niet halverwege als je al koud bent.
3
Uittrekken: tijdens een stop of langzaam rijden
Trek het gilet uit bij een korte stop. Pak de ritssluiting, doe de rits open, trek uit terwijl je stilstaat. Handen van het stuur halen terwijl je rijdt is nooit nodig.
4
Compact vouwen en in de achterzak
Vouw rits naar binnen, rol of vouw compact van onder naar boven. De meeste gilets passen zo in een handpalm. Stop in een achterzak, houd andere zakken vrij voor gel, telefoon en sleutels.

Situaties waarbij een gilet het verschil maakt.

Ochtendritten: De ochtend is 3–6°C koeler dan de middag. Neem het gilet altijd mee bij ochtendritten. Je trekt het uit na 30 minuten als je lichaam warm is.
Lange ritten met hoogtemeters: Elke bergpas heeft een afdaling. Je lichaamstemperatuur daalt snel als je niet meer trapt. Op een 20 km/u afdaling voelt 12°C aan als 3–4°C door windchill.
Terugweg in de avond: Als je rit langer duurt dan verwacht of de zon al laag staat, kan de terugweg 5–8°C koeler zijn. Een gilet in de achterzak is dan goud waard.
Veelgestelde vragen

Snel antwoord.

Wat is het verschil tussen een gilet en een windstopper?

Een gilet is mouwloos en beschermt de romp aan voor- en achterkant. Een windstopper heeft wel mouwen en biedt meer bescherming bij sterkere wind of temperaturen onder de 10°C. Het gilet is het juiste kledingstuk voor overgangsomstandigheden of als je armstukken al draagt.

Is een gilet waterproof?

De meeste gilets zijn windproof maar niet volledig waterproof. Ze zijn water-repellent: een korte regenbui houden ze droog, maar bij aanhoudende regen trek je een regenjack aan. Er zijn waterdichte gilets, maar die zijn zwaarder en minder ademend.

Bij welke temperatuur draag je een gilet?

Een gilet is ideaal tussen 12 en 20°C, in combinatie met een fietsshirt. Onder de 12°C is een jack met mouwen comfortabeler. Boven de 20°C draag je geen gilet tenzij er veel wind is of je een koele afdaling verwacht.

Hoe berg je een gilet op tijdens de rit?

Vouw het gilet zo compact mogelijk op, rits omlaag, vouwen van buiten naar binnen, en stop het in een middenzak of zijvak van je jersey. De meeste gilets zijn specifiek ontworpen om compact op te vouwen en passen zo in een handpalm.